Het was me het weekje wel. Nederland schudde twee keer op de grondvesten. Hier werd geschiedenis gemaakt, hier werden de legendes geboren waar onze kindskinderen huiverend naar zullen luisteren bij trage kampvuren.
De overeenkomsten waren te dwingend aanwezig om toevallig te kunnen zijn. Het kan niet anders dan dat het universum hier een boodschap afgeeft.
De spanning was te snijden toen het moment van de waarheid naderde. Hier was maanden naar toe gewerkt. Samenwerking, voorbereiding, tijdschema’s, toespitsing. Nu kwam het erop aan.
Hoog op liepen de emoties, hard aan kwam het verraad. Heftige verwijten doorkliefden de polderlucht. De koning was gekwetst en het land hield de adem in. Als een zware regenlucht hing de vraag ‘kunnen we nog wel verder ?’ dreigend over zompige uiterwaarden en nerveuze skylines.
Wat was het antwoord ? Welke les hebben wij te leren ?
Welnu, juist omdat het antwoord op de vraag naar het verder kunnen niet eenduidig was, is de les dat wel.
Het kabinet viel. Na een nachtelijk beraad bleken de egowonden te diep en het wantrouwen te groot om verder te kunnen regeren.
Het voorspel vond plaats in de Tweede Kamer de nacht ervoor. Een premier die zich, als ware het een schema naar een baanrecord, vastklampte aan een formele opstelling. Een vice premier die besefte dat hij het slimmer had moeten spelen, zich op de vlakte hield en zich zelden zo ongemakkelijk heeft gevoeld. Een minister die dacht de slimste te zijn geweest, om vervolgens zowel het partijleiderschap als de vurig verlangde verlengde missie in Uruzgan naar de horizon te zien vertrekken. Fractievoorzitters die wedijverden in het stotteren van verontwaardiging. Decorum werd genegeerd en het niveau van een burenruzie benaderd. Gespeelde emotie. Geen enkele warmte, geen enkel menselijk gebaar. Geen fysieke aanraking. Geen nuchtere stem die de leiding nam, onder woorden bracht hoe de zaak in elkaar stak en de weg wees naar een oplossing die goed zou zijn voor het land.
Een beschamende vertoning.
Hoe anders ging het er bij dat andere drama aan toe. Net als bij de val van het kabinet, gingen hier maanden van voorbereiding de mist in. Hoewel er inhoudelijk veel minder op het spel stond, waren de emoties allesbehalve gespeeld. Waar mevrouw Verdonk zich al een uur had zitten verkneukelen - ‘straks ga ik spontaan zeggen ‘u bent een leugenaar.’ Hèhèhè, lekker recht door zee.’ – kwam het ‘die klootzak stuurt me de verkeerde kant op’ recht uit het hart van Sven Kramer.
Waar de daders Bos en Verhagen het om de brij heen draaien, het ontkennen en het straatje schoonvegen op Olympisch niveau beoefenden, toonde Gerard Kemkers hoe een falend mens groot kan zijn. De warmte en wijsheid kwamen van ‘dat kan beter’ Henk Gemser. Hij raakte aan, wees op de noodzaak even rust en ruimte te nemen voor de emoties. En de verraden koning, toch niet gespeend van ego, toonde zich niet alleen een groot sportman, maar een groot mens: zonder de pijn te ontkennen de realiteit onder ogen zien, loslaten, vergeven en zich richten op de volgende uitdaging. Groots.
Als eenvoudige burger wens ik ons land een premier toe die een voorbeeld neemt aan Sven Kramer en politici die een voorbeeld nemen aan de mentaliteit binnen het topschaatsen.
Reacties
Bij dit onderwerp is nu één reactie geplaatst.
Heb je vragen, opmerkingen of toevoegingen?
Je reactie is welkom!
Je kunt je ook inloggen of registreren, maar dat is niet verplicht om te kunnen reageren.





Een van mijn beste teksten. Al zeg ik het zelf.
Nieuwe reactie inzenden