Kijken

Fotograaf Wim Oskam illustreert aan de hand van een aantal van zijn foto’s op persoonlijke wijze de relatie tussen kijken, waarnemen en herinneren.

Kijken is een tamelijk aparte bezigheid

Blinden onder elkaar noemen ons ‘de zienden’.
Of wij als kijkers dat ‘zien’ ook waar maken, valt natuurlijk wel te betwijfelen. Tussen zien en kijken ligt immers een wereld van verschil. Zien zou je kunnen opvatten als kijken én begrijpen tegelijk. Zoals K. Schippers zegt:

Je hebt de dingen niet nodig
om te kunnen zien


De dingen hebben jou nodig
om gezien te worden

 

Soms vraag ik me af: wat heb ik nou te zeggen over kijken? Kijken moet je gewoon doen, en daar moet je niet teveel woorden aan besteden.
Maar dan komt toch de andere kant weer boven drijven: de jarenlange bevinding dat kijken een tamelijk aparte bezigheid is. Nauwkeuriger gezegd, een specifieke mentale gesteldheid veronderstelt.

Kijken is ruimte geven aan

Mijn onderwerp bij het fotograferen is eigenlijk het kijken zelf. Anders gezegd: hoe steeds weer een visueel standpunt in te nemen m.b.t. een gebeurtenis, een voorwerp, een mens in interactie. Opdat het een raak beeld oplevert, de ogen opent, poëzie toont, liefde of aandacht opwekt, verwondering oogst.
Mijn vraag is niet zozeer ‘wát zie je?’, maar ’hoe zie je het, hoe kijk je ernaar ?’
Kijken is, naar mijn opvatting, ruimte geven aan (en dus ook ruimte hebben voor) dat wat zich buiten je bevindt. Of dat nou een oud mens is of een parel van een kind, een sappige weide met vee of een onherbergzaam landschap, dat doet er niet toe. Dit kijken, dit ‘hartelijk’ ontvangen doe je met zo weinig mogelijk onbewuste inmenging van jezelf. Wat makkelijker gezegd is dan gedaan.

Want de waarneming kan door een beetje ongeduld, door ergernis, door de wil, door onzekerheid of door vervoering, en ook gewoon door het denken, danig uit de koers raken. Dan lijkt er een filter te worden geschoven voor het open vizier. Ter illustratie opnieuw K. Schippers:

BIJ LOOSDRECHT

Als dit Ierland was,
zou ik beter kijken.

Stoïcijns....

Essentieel bij het kijken is een evenwichtige zijnstoestand van de mens. Wanneer je als een muziekinstrument zuiver gestemd bent (en blijft) dan krijgt kijken optimaal een kans. Je niet laten ‘afleiden’ door gedachten over wat je ziet, of door gevoelens erover, en ook niet door iets anders te willen (eten, kopje koffie, aardig gevonden willen blijven worden door je metgezel die weer wachten moet), maar gefocust blijven op het waarnemen. Stoîcijns, open en onverstoorbaar. Dat is de eerste stap.

Hierna volgt op den duur het leren kijken met ervaring, oftewel het kijken vanuit weten (dat is opgebouwd uit concrete ervaringen). Als fotograaf heb je al zo vaak ervaren welke beeldelementen krachtig werken, en welke niet. Die kennis neem je geleidelijk aan mee; je draagt die wetenschap steeds bij je.
Je ziet in een nieuwe situatie onmiddellijk de ingrediënten van een mogelijk aardig beeld. Het is nog geen foto, maar een aantal zaken kloppen al wel, hebben die potentie in ieder geval. En welke positie/standpunt je moet innemen is ook ogenblikkelijk (!) duidelijk.
Bijvoorbeeld de foto in het dorpje Prisjib in Rusland.

wim_oskam_FOTO_1.jpg

Door talloze ervaringen wist ik reeds dat een foto goed werkt als je op de voorgrond iets in beeld hebt dat je als kijker a.h.w. de foto in voert. In dit voorbeeld zijn dat de kippen en bergeenden.
Die kleine kudde schapen die door het dorp trekt, had ik al een tijdje in de gaten. En in mij sluimerde al een week het idee een foto van een Russisch dorpsbeeld te maken alsof het een soort van schoolplaat is.
Op het moment dat ik de ligging van het kerkgebouw zag in dit dorp, zocht ik onmiddellijk naar een goede voorgrond. En trof dat troepje kippen en eenden aan dat verzameld stond aan de voeten van die oudere vrouw. Ik hoefde me alleen maar tussen hen op te stellen, met eventjes een blik van verstandhouding naar de boerin. De schapen schoven vervolgens in beeld.

Voor geluk moet je wakker zijn....

Dit samengestelde kijken berust dus op ‘weten’, en is niet gehinderd door allerlei niet ter zake doende gedachten. Ik noem het: vormgevend ontvangen. En ook dan is er bij een geslaagde opname nog altijd sprake van een dosis geluk (die vrouw op de foto had bijvoorbeeld uit het beeld kunnen lopen).
Maar voor geluk, en voor dit geluk met name, moet je als praktiserend kijker wel eerst wakker zijn.

Vastleggen

De foto’s die ik gemaakt heb tijdens een reis of vakantie vallen bijna nooit samen met de bijzondere herinneringen die ik aan de vakantie heb. Weer thuis is er een doos met foto’s en een ‘tweede doos’ met herinneringen.
Dat heeft te maken met het volgende:
a) ik ben niet bezig met het vastleggen van herinneringen als ik fotografeer.
b) op reis weet ik domweg nog niet wat m’n herinneringen gaan worden. Ik moet gewoon nog even wachten om te zien of iets onvergetelijk wordt.

Natuurlijk herinner ik me het maken van bijna alle opnamen wel, maar met vele heb ik persoonlijk niet een verhaal. Ik heb er vaak zelfs niks mee, hoe aangenaam ik de foto later ook vind. Bijvoorbeeld de foto van de gestalte van een man in Astrachan.

wim_oskam_FOTO_2.jpg

Er is geen herinnering en geen gevoel van mij aangaande deze stad welke ook maar een beetje bij deze foto in de buurt komt.
Het is soms of de foto’s niet mijn zaak zijn. En ook, of misschien juist meer nog, alsof m’n dierbare herinneringen alleen maar innerlijk bewaard kunnen worden.

Rode paprika's

De foto van de rode paprika’s op de Balkan is een verhaal apart. Het illustreert goed dat uit een situatie, alleen maar door de activiteit van het kijken, soms een foto te voorschijn kan komen terwijl feitelijk een heel andere geschiedenis zich afspeelt.

wim_oskam_FOTO_3.jpg

De tabaksbladeren verspreiden een kruidige geur. Overal ligt de tabak op rekken te drogen aan de kant van de weg en aan de rand van het dorp. Boven de daken van de huisjes kruipt de schaduw van wolken over de berghellingen. Een landweg slingert omhoog.
‘Kom niet te dicht bij de grens’.
Steeds weer had deze waarschuwing geklonken. Het was bijna de mantra van dit landschap geworden. ‘Kom niet te dicht bij de grens.’
Wanneer ik een voorbijganger vriendelijk toelach of begroet in de taal van het land, krijg ik geen blijk van vriendelijkheid terug. Niet één keer. Niet eens een klein knikje met het hoofd. Men kijkt niet naar me, of alleen maar zonder enige verstandhouding. De grens met Kosovo, en in het westen die met Albanië, ligt nog een heel eindje verderop.

Een oude man komt uit het bos, zittend op een ezel. Zijn beide benen bungelen aan de rechterzij van het dier, een koddig beeld. Hij lacht naar me, zonder tanden in zijn mond. De ezel sleept een zware boomtak achter zich aan. De man houdt het touw vast dat aan de tak geknoopt zit. Hij gebaart me met hem mee gaan. Hij is Albanees, zegt hij.

Op het erf van zijn huisje hangen onder een dakgoot strengen paprika’s te drogen. Een nog tamelijk jonge vrouw schept water uit de put. Zijn dochter. Ze kijkt me met een kwaad soort argwaan aan. Haar man is vermoord door de militie, verneem ik even later. In haar gezicht heeft de pijn van wreed vuur zachtere trekken uitgewist. Dat mijn aandacht zich ook richt op de felrode paprika’s waar de zon nu op schijnt, voelt bijna lichtzinnig, wat ongepast zelfs.
De tandenloze mond lijkt te willen dat ik meer belangstelling ga tonen voor zijn dochter. Ik moet haar maar volgen naar binnen, dringt hij aan. Ik schud van nee.
Het ontstane ongemak kan ik enigszins laten wegvloeien door naar een tros rijpe druiven te wijzen aan een van de ranken bij de schutting. Die wil ik wel kopen voor een paar dinar. Met deze afleidende manoeuvre kom ik weg.

Buitentijds

Tenslotte een opname uit Turkije. Omdat mijn herinnering aan deze plek en de foto wel mooi samenvallen. En dat heeft toch eigenlijk ook wel wat, moet ik toegeven.

wim_oskam_FOTO_4.jpg

Dit is Ani.
De stad werd verwoest door een hevige aardbeving. Die vond plaats in de veertiende eeuw. Daarvoor, in de elfde en twaalfde eeuw, maakte Ani een bloeitijd door als pleisterplaats op de Zijderoute. In die eeuwen was het tevens de hoofdstad van het Armeense rijk. Er woonden ruim 100.000 mensen.
Nu ligt Ani in Oost-Turkije, precies op de grens met Armenië. Je kan er niet zomaar komen. Zestig kilometer er vandaan moet een speciale vergunning gehaald worden. In Kars. Een visum voor een dag. Te verkrijgen op het politiebureau. Het kost wat duiten. En de formaliteiten nemen gauw twee uur in beslag.
De ruïnestad is omringd door stilte. Een stilte die voor te stellen is als dezelfde die heerst op de Maan. Ik ben de enige bezoeker en urenlang dwaal ik die middag rond tussen de ruïnes. Als een astronaut in de tijd. Aan het eind van de dag daalt de zon flink.
Ik herinner het me nog precies: tegen de zon in reed ik terug naar Kars. Terug naar de Aarde, naar de wereld van vandaag.....

Voor een overzicht van het werk van Wim Oskam, zie http://www.prints4sale.nl/fotografen.php?action=post&fg_id=12  


Reacties

Plaats een reactie

Bij dit onderwerp is nu één reactie geplaatst.
Heb je vragen, opmerkingen of toevoegingen?
Je reactie is welkom!
Je kunt je ook inloggen of registreren, maar dat is niet verplicht om te kunnen reageren.

afbeelding van Jan Diek van Mansvelt
Jan Diek van Mansvelt (niet gecontroleerd)
15 Maart 2010

Mooie verhalen over kijken.
Grappig dat je de poes op de voorgrond - bij de kippen - niet noemt (zij kijkt je aan), en ook de hond niet, diet tussen kippen en de schapen (verderop) naar zijn vrouwtje kijkt.
Vriendelijke groet,
Jan Diek
van Mansvelt


Nieuwe reactie inzenden

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
CAPTCHA
Deze vraag wordt gebruikt om te testen of je wel een menselijke bezoeker bent. Dit is noodzakelijk om ons tegen spam te beschermen.