Onderzoek het onderzoek

Het uitwisselen van de laatste wetenschappelijke gezondheidsnieuwtjes redde menig verjaardagsfeest. Voedingsdeskundige Madeleine Marcus bederft de pret.

In mijn praktijk, en als lezer van tijdschriften, wordt ik regelmatig geconfronteerd met de verwarring die ‘onderzoeksresultaten’ kunnen veroorzaken. Als ik verschillende cliënten een bepaald dieetadvies geef, reageert de een met ‘Ja, ik heb pas gelezen dat dat erg goed is’ en de ander met ‘Maar dat is toch niet gezond ?’
In het doolhof van krantenkaternen en glossy’s die ons informeren over wat wel en niet gezond is, raakt men al snel het spoor bijster. Koffie is gezond. Maar niet voor je maag. Eén kopje per dag kan geen kwaad. Koffie: nooit doen. Koffie geeft energie. Is slecht voor je bloeddruk. Ach nee, valt wel mee. Koffie maakt je lichaam zuur. Kalmeert, frustreert enz. enz. Chocola idem, om over vitaminen nog maar te zwijgen.
Die vijfregelige stukjes met pakkende kop bieden veel stof voor verjaardagsgesprekken, dat moet gezegd. Maar welke waarde moeten we eraan toekennen als het echt om onze gezondheid gaat ?

                                                Champignons, goed voor je heupen ?

Moeite

Om meteen maar het antwoord te geven: als je niet bereid bent om enige moeite te doen, dan is de waarde van dit soort informatie gelijk aan nul. Als je echter geïnteresseerd bent in het onderwerp en het berichtje oppakt als ingang naar het achterliggende onderzoek, dan kan dat je wel degelijk iets opleveren. De vraag is: hoe kom je van krantenstukje tot onderzoek en, eenmaal daar aangekomen, hoe beoordeel je de waarde ervan ?
De eerste vraag is simpel te beantwoorden: Google. Effectieve steekwoorden vind je vrijwel altijd in het stukje, dat meestal een samenvatting is van een persbericht.
De tweede kwestie is gecompliceerder. Er is geen eenduidig antwoord voorhanden. Wel zijn er enkele aandachtspunten te geven.

Om te beginnen is het van belang vast te stellen waarom het onderzoek gedaan werd en wat er precies werd onderzocht. Vaak, zeg maar gerust meestal, worden onderzoeken naar medicijnen en voeding gefinancierd door een bedrijf dat hoopt op een bepaalde uitslag. Omdat er aan die uitslag verdiend kan worden. Dat is niet perse verkeerd; ook onderzoek dat is gefinancierd door het bedrijfsleven kan deugen. Winst als motief is echter wel een reden om met gepast wantrouwen te kijken naar niet alleen de uitslag, maar ook de onderzoeksvraag.
Zo kan men niet uitsluiten dat er in sigaretten een stofje zit dat in bepaalde omstandigheden voor bepaalde mensen een zeker gunstig effect kan hebben. En als dit uit een onderzoek blijkt, dan kan het heuglijke nieuws zonder te liegen gemeld worden. ‘Roken verlaagt kans op koortslippen bij 13 jarigen.’ Over het risico op longkanker kan gezwegen worden. Daar ging het onderzoek tenslotte niet over.
Nog krasser: zonder twijfel is een beenamputatie een probaat middel tegen overgewicht. Het is een gezocht voorbeeld en als advies uiteraard absurd. In de praktijk van onderzoek en statistiek zijn dit soort absurde of moedwillige trekjes echter geen uitzondering. Een kritische benadering bij de beoordeling ervan is dus geboden.

Soorten onderzoek

Naast het kijken naar waarom, wat en door wie, is het van belang te weten wat voor soort onderzoek het betreft. Is het een afstudeerproject, een commercieel of gesponsord onderzoek, een vergelijkend onderzoek of een metastudie?
Elke soort heeft zijn voors en tegens. Een afstudeerproject is meestal beperkt in omvang. Staat tegenover dat de student vaak gemotiveerd is en originele invalshoeken kiest. Onderzoek met een commercieel oogmerk heeft als nadeel dus dat oogmerk. Voordeel is dat er niet meteen op een kwartje wordt gekeken. Bij een vergelijkend onafhankelijk onderzoek, zoals van de Consumentenbond, is de intentie zuiver, maar is het wegen van verschillende omstandigheden en factoren lastig. Aan meta-research tenslotte, het verzamelen en verwerken van bestaande onderzoeksuitslagen, kan een groot gewicht toegekend worden vanwege het grote aantal en de diversiteit van de onderzochte gevallen. Nadeel is, dat om voldoende onderzoeken binnen de criteria te laten vallen, de vraagstelling niet heel specifiek kan zijn.
Een sterke aanwijzing voor kwaliteit is publicatie van onderzoeksresultaten in een gerenommeerd tijdschrift. Als een artikel in The Lancet, Nature of het Eigentijds Magazine :-) heeft gestaan, dan weet je dat het de toets der wetenschappelijke kritiek zeer waarschijnlijk kan doorstaan.

Mis

Er kan dus van alles mis zijn met de informatie over gezondheid (en over alle andere onderwerpen) die ons via een krant of blad bereikt. Het probleem kan hem zitten in de opzet en intentie van het onderzoek, zoals hierboven besproken. Mocht je je afvragen waarom onderzoekers mee zouden werken aan een dubieus onderzoek, dan is het antwoord simpel: verlangen naar geld, erkenning, promotie. In minder gezellige landen: angst.
Ook een ander mogelijke oorzaak van onjuiste informatie is vrij menselijk van aard: incompetentie. Niet iedereen die een diploma heeft, is een zorgvuldige onderzoeker.
Dit alles betreft de aanbodkant. Wanneer daar de zaken in orde zijn, wil dat nog niet zeggen dat de onderzoeksresultaten helder en correct tot ons komen. Het medium kan ook vervuilend werken.
Want waarom besluit een redactie om een zesregelig stukje in krant of blad te plaatsen over het effect van koolzuurhoudend tafelwater op acne bij slechthorenden ? Omdat het gratis copij is waar niemand zich een buil aan kan vallen. Men grabbelt wat in de bak met vierhonderd persberichtjes die de afgelopen week binnen kwamen, vist er iets uit en zegt tegen de stagiair van de school voor journalistiek ‘Maak jij daar nou eens een leuk stukje van.’ De kans dat deze stagiair de moeite neemt om het onderzoek op te vragen of zelfs maar de samenvatting op het internet door te lezen, is klein. Hij parafraseert gewoon het persberichtje, plukt het opvallendste nieuwtje eruit en maakt daar de kop van. Goede kans dat het onderzoeksresultaat heel weinig te maken heeft met de boodschap die overkomt bij de argeloze lezer.
Waarmee we de derde schakel in het proces genoemd hebben. Wie wel eens een internetforum van een krant bekijkt, zal constateren dat veel mensen niet goed lezen wat er feitelijk in een berichtje staat. Met als gevolg: zeer subjectieve interpretaties van een bericht dat mogelijk toch al ‘vervuilde’ en/of gesimplificeerde informatie bevatte.
Hopelijk heb ik inmiddels mijn mening over de waarde van wetenschappelijke ‘weetjes’ voldoende onderbouwd.

Who cares?

Op de eerste plaats beschouw ik misvattingen over wat wel en niet gezond is als een ernstige zaak. Het idee dat melk goed is voor iedereen bijvoorbeeld, heeft heel veel kinderleed veroorzaakt.

Er is nog een ander aspect aan dit verhaal. Op de markt van voeding en medicijnen gaan enorme bedragen om. Elk bericht over koffie, thee en chocola vertaalt zich in meer of minder winst. Bedrijven hebben dus alle belang bij het in de wereld sturen van zoveel mogelijk positief nieuws. Daarnaast is het gebruikelijk om bezwaren en beschuldigingen tegen te spreken en de geldigheid van het onderliggende onderzoek in twijfel trekken.
Als de strijd zich afspeelt tussen Kanis & Gunnik en Van Nelle en de inzet koffie is, dan ach, nou ja. Ernstiger is het wanneer een bedrijfstak als de voedingsindustrie miljoenen investeert om de consument iets aan te praten dat niet waar is (bijvoorbeeld dat alle dierlijk vet ongezond is en we dus alleen mager of half moeten eten en drinken). Of als de farmaceutische industrie tracht de concurrentie uit de hoek van de natuurlijke vitaminen uit te schakelen m.b.v. lobbyisten en een lawine van onderzoeksresultaten. Wie in een jaar drie keer leest dat er iets mis is met vitamine X supplementen, zal er onbewust argwaan tegen krijgen. Mogelijk terecht. Maar de kans is niet denkbeeldig dat X een uitstekend product is en dat de drie berichten berusten op hetzelfde dubieuze onderzoek, waarvan de conclusies ook nog eens half begrepen zijn door beginnende journalisten.
Vermenigvuldig dit effect met een factor tien, voeg daarbij dat volksvertegenwoordigers druk druk druk zijn en niet overal verstand van kunnen hebben, en je begrijpt hoe lastig het is voor minder draagkrachtige bedrijven om natuurlijke gezondheidsproducten te laten concurreren met chemische / synthetische alternatieven. Het sterkste wapen in die strijd vormen goed geïnformeerde, kritische consumenten.

Zelf informatie opzoeken, er kritisch naar kijken en vervolgens bespreken met mensen met ervaring, dat levert je het meeste op als het gaat om je eigen gezondheid.

www.madeleinemarcus.se


Reacties

Plaats een reactie

Bij dit onderwerp is nog géén reactie geplaatst.
Heb je vragen, opmerkingen of toevoegingen?
Je reactie is welkom!
Je kunt je ook inloggen of registreren, maar dat is niet verplicht om te kunnen reageren.

Nieuwe reactie inzenden

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
CAPTCHA
Deze vraag wordt gebruikt om te testen of je wel een menselijke bezoeker bent. Dit is noodzakelijk om ons tegen spam te beschermen. De code bestaat alleen uit cijfers.
Image CAPTCHA
Enter the characters shown in the image.